Belang van inheemse planten

In deze blog leggen we uit waarom het gebruik van inheemse en autochtone planten en zaden essentieel is voor het bevorderen van biodiversiteit. 'Inheems' verwijst naar planten die voorkomen binnen hun natuurlijke verspreidingsgebied, dat soms groot kan zijn, zoals Knoopkruid dat in Nederland, Polen en Spanje voorkomt. 'Autochtoon' gaat nog een stap verder, verwijzend naar planten die na de ijstijd op eigen kracht terugmigreerden naar de streken en zich aanpasten aan de nieuwe omstandigheden, opgeslagen in hun DNA.


Autochtone planten zijn optimaal aangepast aan de Nederlandse omstandigheden, zoals natte winters, en hebben een perfecte match met lokale insecten. Ze bieden op het juiste moment voedsel aan vlinders, wilde bijen en andere insecten en hun larven, dankzij duizenden jaren van co-evolutie. In tegenstelling hiermee hebben exotische en gecultiveerde planten vaak wel kleurrijke bloemen, maar bieden ze niet altijd het gewenste effect op de biodiversiteit.


Voedselbronnen:

Inheemse planten bieden een gevarieerde en overvloedige voedselbron voor verschillende insecten. Ze produceren nectar, stuifmeel, bessen, zaden en andere voedzame elementen die insecten aantrekken en van energie voorzien.


Larvale voedselplanten:

Inheemse planten dienen niet alleen als voedsel voor volwassen insecten, maar zijn ook essentieel voor de voortplantingscyclus van veel insectensoorten. Ze fungeren als larvale voedselplanten, waarop eitjes worden gelegd en larven zich voeden met de bladeren.


Schuilplaatsen en nestelplaatsen:

Inheemse planten bieden een gevarieerde en complexe vegetatie die insecten een scala aan schuil- en nestelplaatsen biedt. Bladeren, stengels en bloemhoofden kunnen dienen als schuilplaatsen, terwijl dode planten en holtes fungeren als ideale nestelplaatsen.


Wist je dat.....

Inheemse planten zijn van nature aangepast aan het lokale klimaat en de bodemomstandigheden, waardoor ze beter gedijen en minder water en meststoffen nodig hebben.

Inheemse planten hebben meestal minder last van invasieve plagen en ziekten, omdat ze beter zijn aangepast aan de natuurlijke weerstand van het gebied.

Het bevorderen van inheemse plantengroei kan ook de afname van bestuivers, zoals bijen en vlinders, tegengaan, wat een positieve invloed heeft op de productie van voedselgewassen.